Hoe ouder een patiënt is, hoe groter de kans om te sterven binnen een jaar na het ontstaan van diabetische voetulcera. Ook als de ulcera optreedt met andere aandoeningen vergroot dit de kans op sterfte. Dat laat het Franse onderzoek zien. De onderzoekers van de Université de Montpellier gebruikten gegevens uit SNDS, het Franse nationaal gezondheidsgegevenssysteem. Ze keken daarin naar mensen die tussen januari 2017 en december 2018 een voetulcera kregen. In totaal ging dat om 133.791 personen. Van deze mensen stierf 14,6 procent binnen een jaar, en 3,5 procent van de onderzochte groep onderging een grote amputatie.
Sterfte onder mannen hoger
Het risico op sterfte bleek groter te zijn bij mannen, oudere mensen, patiënten die een ulcera in het ziekenhuis hadden opgelopen, patiënten die insuline gebruiken, die een grote amputatie hadden ondergaan, en die een van de volgende ziektes hadden: hart- en vaatziekten, kanker, dementie, nierziekte (ESKD) en leverziekte. Beschermende factoren waren lipidenverlagende therapie, GLP-1-receptoragonisten en eerdere consultaties met diabetologen, oogartsen en podologen. Onder patiënten die stierven na een amputatie zagen ze ongeveer dezelfde patronen. Bij deze patiënten blijken GLP-1-receptoragonisten de kans op overleven duidelijk te vergroten.
De publicatie geeft geen inzicht waarom de onderzoekers cijfers van acht, negen jaar geleden gebruiken. Evenmin of er aanwijzingen zijn dat er sindsdien iets is veranderd in bijvoorbeeld het sterftepercentage.


